woensdag 28 september 2011

Help, mijn wasmachine stinkt


Sinds een aantal weken komt er een vieze geur uit onze wasmachine. Het begon met een wat muffig luchtje, dat langzaam maar zeker steeds penetranter werd en inmiddels echt niet meer te harden is.
Nou kan ik kan best goed onderscheid maken tussen echte problemen, huis- tuin en keukenproblemen en luxeproblemen, maar dit valt overduidelijk in de eerste categorie.
Haha, grapje. In de middelste natuurlijk.
Ik dacht ik laat u even schrikken.
Haha.

Goed.
Waar het precies naar stinkt? Nouja, gewoon. Naar natte tent. Naar vuilniszak. Naar riool. Naar een combinatie van die dingen. Alsof er een schimmelende sok in de afvoer zit. Of de kat van de buren, die al drie maanden niet is gesignaleerd.
Maar nee: er is geen sok en ook geen kat, althans, niet zo ver als mijn arm reikt.
Dus. Wat doet de moderne vrouw als zich een huishoudelijk probleem voordoet?
Dan gaat ze googlen. En dan blijkt er gewoon een forumdiscussie online te staan met de titel: ‘Help mijn wasmachine stinkt.’ Ha!
Begerig nam ik alle tips en adviezen ter harte.
Zo liet ik eerst de wasmachine – leeg – draaien op 95 graden met een vaatwasmachinetablet. Daarna liet ik de wasmachine – leeg – draaien op 95 graden met een scheut chloor.
Ik boende het zeepbakje.
Ik sopte de rubberrand.
Ik reinigde het filter.
Ik liet nogmaals de wasmachine – leeg – draaien op 95 graden, maar nu met een liter azijn.
En daarna liet ik het deurtje van de trommel openstaan. Want dat was héél belangrijk, volgens de autoriteiten op het forum. (Ik doe dat geloof ik altijd, maar dit terzijde.)

Het hielp allemaal niets.

Dus toen belde ik mijn moeder maar. Wat een vrij wonderlijke conversatie opleverde.
'Mam, mijn wasmachine stinkt.'
'Je bedoelt zeker je afwasmachine?'
'Nee, ik bedoel de wasmachine.’
'Nou, ik denk toch echt dat je je afwasmachine bedoelt, want dat heb ik ook wel eens. En mijn wasmachine stinkt nooit.'
(???)
'Ehm. Nee. Ik bedoel de wasmachine. Was. Machine.'
'Oh. En weet je zeker dat je het je niet verbeeldt?'
'Nee! Ja! Dat weet ik zeker, ja. Maar laat maar zitten.'
Het is echt een illusie om te denken dat je met een moeder van tachtig vrijelijk kunt putten uit honderden handige tips uit grootmoeders tijd. Dat je je eigenste Klazien uit Zalk bij de hand hebt, zeg maar. Niets is minder waar, in mijn geval.
Even een klein zijspoor - ik vind dat dus echt niet kunnen hè; dat mijn moeder nadat ik het ouderlijk huis verliet ineens allerlei dingen ánders is gaan doen. Zo leerde ik bijvoorbeeld van haar dat je aardappels schilt met een mesje. Want dunschillers, dat was maar niets. Sta ik dus een keer aardappels te schillen terwijl ze op bezoek is, zegt ze: 'Wat doe je dat onhandig zeg, dat moet je gewoon met een dunschiller doen.'
Nondeju!
Of ik sta boerenkool te maken – met bloed zweet en tranen om het voor mijn kinderen net zo lekker te maken als ik het vroeger thuis kreeg – en dan zegt ze doodleuk: 'Wat een werk. Ik doe dat altijd gewoon met puree uit zo’n pakje.'
NIET WAAR! NIET WAAR! DAT DOE JIJ NIET MET PUREE UIT EEN PAKJE! DAT DEED JIJ NOOIT! JE SCHILDE GEWOON TWEE KILO AARDAPPELS MET EEN AARDAPPELSCHILMESJE!
Tss, dat ontwikkelt zich maar door.

Afijn. De stank. Die trok inmiddels door het hele huis. Niet alleen in de berging en het halletje, maar ook via het trappenhuis naar boven.
Stapelgek werden we ervan.
Gisteren was ik het ineens helemaal zat en broedde een briljant plan uit.
Henk merkte het meteen toen hij thuis kwam. 'Hee!' riep hij uit. 'Je hebt het probleem opgelost! Ik ruik niets meer! Hoe heb je dat gedaan! Vertel!'

Ja. Goed hè.
Ik heb het deurtje dichtgedaan.

De was breng ik voortaan wel naar mijn moeder.

dinsdag 27 september 2011

Doperwt

‘Novy, jij hebt echt de aandachtsspanne van een doperwt,’ zei iemand op vakantie tegen me, op een overvol terras. Onmiddellijk begonnen mensen bij te vallen: ‘Ja Novy, je bent echt verschrikkelijk!’
Twee tellen was ik van mijn stuk gebracht en toen moest ik heel hard lachen. Want het is zo ontzettend waar!
Ik bén verschrikkelijk. Ik onderbreek mensen midden in hun verhaal om zelf iets belangwekkends te vertellen, of richt zomaar ineens mijn aandacht op iets of iemand anders. En meestal heb ik dat niet eens door. Maar ja, zo is het: altijd aan een half woord genoeg. En door.

Als ik in deze tijd kind was geweest had ik hoogstwaarschijnlijk het stempel adhd gekregen. Of add in elk geval. (Want hyperactief ben ik alleen maar eh.. soms.)
In plaats daarvan hebben ze op de lagere school maar wat met me doorgeploeterd, zonder rugzakje of PGB of whatever, tot ze me na 6 jaar eindelijk naar buiten konden schuiven met een Mavo-advies in mijn eindrapport. (Wat ik overigens niet opvolgde, want hé: naast concentratiegestoord ben ik gelukkig ook zeer eigenwijs.)

En toch, weet u, ik ben d’r niet van. Van al dat gestempel en gediagnosticeer en dat in hokjes gestop. Eigenlijk. Het lijkt me dat het vooral makkelijk is om je achter te kunnen verschuilen. ‘Ja sorry, ik heb mijn huiswerk niet gedaan, want ja, ik heb adhd hè.’ Hoewel – voor u nu massaal over me heen valt - ik er natuurlijk geen verstand van heb en het in bepaalde gevallen vast heel zinvol kan zijn.
Wat ik eigenlijk bedoel is: ik ben blij dat ik nooit zo’n stempel heb gekregen.
Adhd? Ik? Nee hoor. Ik ben gewoon nogal chaotisch en snel afgeleid. En soms een beetje druk.
Zo is mijn karakter.





(Grijns)

zaterdag 24 september 2011

Neutrino

Het zal u vast niet zijn ontgaan, het is wereldnieuws immers: in Zwitserland hebben ze ontdekt – iets dat tot nu toe voor onmogelijk werd gehouden - dat er op deze wereld een deeltje bestaat dat sneller kan bewegen dan het licht. De zogenaamde neutrino.
Wat in principe betekent dat het men terug in de tijd kan reizen.
Ja.
Nou snap ik die gevolgtrekking eerlijk gezegd niet helemaal, want dat zo’n neutrino sneller kan dan het licht, betekent toch nog niet dat een mens dat óók kan. Ik bedoel, wij zijn bepaald geen neutrino en het zal toch niet zo simpel zijn dat je kan meeliften met zo’n deeltje als je het maar goed vasthoudt, zoals Lois Lane óók kon vliegen, zolang ze zich maar stevig vastklampte aan Superman.
Maar wie weet hoor, ik heb nooit zo’n hoofdje voor natuurkunde gehad.
Misschien bouwen ze wel gewoon een soort ruimteschip van neutrino’s waar je dan gewoon kan instappen en floep.

Wat ik overigens ook niet begrijp, maar misschien vindt u me nu heel dom, is dat 'terug' in de tijd. Wat nou terug? Als je dan al sneller kunt reizen dan het licht, dan ga je toch juist vóóruit? Naar de toekomst? Daar waar het licht ook naartoe gaat? Het licht gaat toch maar één kant op? Net als de tijd? Of...eh..
Hee: ís het licht misschien de tijd?
?
Nee, vergeet u die laatste opmerking maar, want het slaat voorwaar nergens op en veroorzaakt bij mij in elk geval kortsluiting. Ik zei het al: ik heb niet zo’n hoofdje voor natuurkunde.


Gisteravond, toen ik nog even slaperig zat te zappen, stuitte ik op de een of andere slimme professor, die aangaande bovengenoemde ontdekking de angstaanjagende woorden sprak: ‘Stelt u zich voor dat iemand terug zou reizen in de tijd en zijn voorouders zou vermoorden. Dan zijn de gevolgen niet te overzien.’

Nou. Dan kun je me opvegen hè.
Dat soort dingen tótally freak me out.
Later in bed probeerde ik een en ander wat inzichtelijk te maken.
Stel, je reist terug in de tijd, naar een moment vóór je geboorte, en je vermoordt je moeder.
Wat gebeurt er dan op dat moment met je?
Verdwijn je dan? Val je uit elkaar? Je kán immers niet bestaan, want toen je werd geboren was de vrouw die je ter wereld bracht allang dood. (Ieieieieh!)
Of verdwijn je niet, blijf je gewoon intact, maar ben je vanaf dat moment een soort zombie, een levend wezen zonder enig bestaansrecht? (Ieieieieeh!!)


Disclaimer: Ik heb drie nachten wakker gelegen na het zien van Back to the Future, in 1985.

donderdag 22 september 2011

Doe eens normaal man!

Nee, u vond het geen gezellig plaatje, dat is duidelijk.
Ik had het kunnen weten natuurlijk; de reactie van Henk was ook al verre van geamuseerd, toen ik hem liet zien wat ik had gemaakt. Dat mijn begeleidende tekst (‘Kijk Henk, ik heb mezelf verzombiet’) niet aankwam omdat hij zijn koptelefoon ophad – iets dat ik te laat bemerkte - kan daar ook mee te maken hebben. Ja, je zult maar vanuit een diepe concentratie worden gehaald doordat er een iPhone in je blikveld wappert, je hoofd optillen en nietsvermoedend in het half verrotte gezicht van je geliefde kijken.
Dat verwacht je dan niet hè.
En dan schrik je heel erg.
Héél erg.
Goh, wat schrok die man.
En wat moest ik daar hard om lachen.

Ik ben een beetje veil de laatste paar dagen.
Das een mooi woord, vind ik, veil.
Het heeft vele betekenissen, maar een ervan is ‘gemeen.’
Maar het klinkt veel liever dan gemeen.

Zal ik u trouwens nog eens iets beschamends vertellen?
Ik lijk wel een man.
Als ik ziek ben, dan ben ik heel zielig.
Dan piep ik en kreun ik.
En klaag ik en zeur ik.
En blijf ik het liefst de hele dag in bed.
Mopperend.
Ik ben één brok chagrijn.

En van de politiek word ik ook al niet vrolijk.
(Hoewel ik er wel om moest grinniken. Van ellende, maar toch.)

woensdag 21 september 2011

Onzichtbaar maar toch doodeng



'Wie van jullie wil even helpen de tafel dekken? Ik zie nog geen messen, er moeten nog glazen op tafel... Hallo? Hoort iemand mij? Jongens! Kinderen! Hallo! Hallo! Dit is jullie moeder die tegen jullie praat. Hallo? Kijk, ik sta hier, achter het fornuis. Ik sta voor jullie te koken....hallo? Iemand?'

Nee.
Maar misschien dringt mijn stem ook wel helemaal niet door de cocon van snot heen, waarin ik zit, dat zou best kunnen. Hee, nu ik zo eens terugdenk aan hoe de dag verliep, het zou zelfs een heleboel verklaren!
Hier ben ik ook al zo onzichtbaar. Ik betrap me erop dat ik af en toe naar mijn eigen blog ga om te kijken of ik misschien eindelijk weer eens een leuk stukje heb geschreven. Maar niks hoor. Gek eigenlijk, want er was hier toch van alles:
Er was het schurftige hondje dat zomaar met de buurvrouw was meegelopen en die we vier uur hebben moeten vermaken voor de dierenambulance kwam opdagen. En er was Janneke, de rat, die bij ons logeerde. Er was de kinderkledingbeurs, er was een rally-auto die uit de bocht vloog en Merlijn bijna overreed, er was wordfeud en er was wordfeud en er waren informatieavonden op school en ontelbare speelgoedartikelen van bamboe.

(Janneke)

Oja, *bladert even door extern geheugen dat iPhoto heet* , er was ook nog Zombiebooth.
Een gratis appje voor de iPhone.
Dat leek me grappig.
Nou. Dat is het niet.
Kijk maar. Niet grappig.
Doodeng.


Hatsjie.

dinsdag 13 september 2011

Min tien

Ik beschouw mezelf over het algemeen als een redelijk goed gelukt exemplaar van de menselijke soort, waar het de lichamelijke constructie en constitutie betreft; alles werkt (voorlopig) naar behoren.
Maar soms bekruipt me ineens een heel verontrustende gedachte: stel nou dat ik geboren was in een wereld waarin de bril niet was uitgevonden. Of voor 1500. Of gewoon nu, maar dan in een heel arm land. Dan was ik toch, alle ijdelheid ten spijt, behoorlijk gehandicapt geweest!
Misschien was ik wel verstoten door mijn stam, of veroordeeld tot een donkere tipi waar ik als mysterieuze geneesvrouw de mannen moest masseren na de jacht. Of misschien zat ik zielig in een hoekje rijstkorrels te pellen op de tast en bracht men mij eten.
Want - het is een van de best bewaarde geheimen van dit weblog en ik vergeet het daarnaast zelf vaak - ik ben namelijk nogal bijziend. Ik heb een afwijking van min tien. (Of min 9,75 eigenlijk, maar dat is praktisch hetzelfde.) Henk noemt me ’s nachts, als mijn lenzen uit zijn, zijn blinde kip. Wat weer overdreven is, want tot een afstand van drie centimeter zie ik heus heel scherp.
Nja.
Weet u dat ook weer.
Ik moet toch ergens over bloggen, nietwaar. Want behalve stokjes die zomaar in de lucht zweven gebeurt er hier niets spannends.



zondag 11 september 2011

Van alledrie een momentje

Omdat het nog niet echt zo lijkt te lukken met het oppakken van het gewone leven*, dacht ik ik grijp even terug naar de week vóór Vlieland. And than take it from there.
Haha, wat natuurlijk gewoon een bullshitverhaal is als excuus om nog even wat foto's te laten zien die ik had laten liggen:

Bo in de tweedehandswinkel, de grootste verkleedkist van de wereld.
(De laarzen hebben we maar gekocht.)

Loïs slaagt voor haar ogentest op het consultatiebureau.

Merlijn op Noorderzon. Een bijzondere foto en wel hierom: Dit is het eerste jaar dat hij groot genoeg is om erbij te kunnen.
En hij heeft inderdaad een beetje een ranzige broek aan, ja.


*Al mijn hoop is nu gevestigd op morgen. Wellicht helpt het om de week gewoon op maandag te beginnen.

donderdag 8 september 2011

Ik hang jankend aan de broekspijpen van de zomer

Mooi hè, die titel. Heb ik niet zelf bedacht hoor, helaas. Zij bedacht het natuurlijk weer. Maar het is prachtig, en zo waar: dat is wat we allemaal aan het doen zijn momenteel in Nederland. Jankend aan de broekspijpen van de zomer hangen.
Aan de regenbroekspijpen dan, anyway.

En over janken gesproken, wij begroeven gisteren een oude (maar veel te jong gestorven) vriend. En toen ik later op de dag werd uitgenodigd om mee te gaan naar de film, naar Melancholia van Lars Von Trier, dacht ik: Ja. Ik dacht: Lars von Trier, dat is ellende, drama, zachtjes meesnikken in een donkere bioscoop.... Ik dacht: dat is precies waar ik aan toe ben met mijn ogen toch al in de huilstand.
Maar dat viel een beetje tegen, er viel eigenlijk niks te huilen. Wel was het zo verontrustend dat ik tijdens de aftiteling in een hysterische lachbui uitbarstte.

A beautiful movie about the end of the world




Morgen weer vrolijks. Iets over de langpootmug, misschien.

dinsdag 6 september 2011

Waddenweemoed heet het, weet ik sinds kort


Misschien moet ik even beginnen met vertellen dat ik eigenlijk helemaal niet van festivals hou. (Net zo min trouwens als van kermissen, 9-maandenbeurzen, pretparken, sportwedstrijden en carnaval; ik hou denk ik gewoon niet zo van mensenmassa’s.)
Nou weet u dat ik me vorig jaar heb laten overhalen om mee te gaan naar Into The Great Wide Open op Vlieland en dat ik daar nógal enthousiast van terugkeerde: wat een sfeer, wat een eiland, wat een mooie muziek en tuurlijk, best wel druk, maar leuk druk, een drukte die je bovendien heel makkelijk kon ontsnappen. En wat het voor mij vooral zo geweldig maakte: het was prachtig weer. Dus toen men opperde: ‘laten we volgens jaar weer gaan,’ reageerde ik een beetje huiverig. Want zo leuk als het nu geweest was zou het vast niet nog eens kunnen worden, toch? Al was het maar omdat het vast niet opnieuw zulk mooi weer zou zijn.
Enfin, de tickets kwamen er natuurlijk, ik heb wat die dingen betreft nou eenmaal niet zoveel in te brengen, maar ik had toegestemd met stiekempjes in mijn achterhoofd dat ik altijd nog kon thuisblijven.
Dus toen ik de week voor vertrek de weersverwachting voor Vlieland bestudeerde en de meest vreselijke voorspellingen voorgeschoteld kreeg, opperde ik voorzichtig: ‘Misschien blijf ik wel thuis met Loïs’ en smeet onmiddellijk mijn kaartje op Marktplaats. (Ik ben een watje, ja. En van suiker.)
De volgende dag had ik een bod van 140 euro en wilde al toehappen, maar besloot nog één keer weeronline te raadplegen, waar ik tot mijn verbazing zag dat alle drieën en vieren en vijfen als bij toverslag waren veranderd in zevens en achten! Nah!
Ik mailde ‘sorry, net verkocht’ naar de bieder en verwijderde mijn advertentie. Tsja, als het dan wél mooi weer zou worden, dan ging ik toch maar mee.

Thank.
God.

Let the pictures do the talking.


Kings of Convenience!
James Vincent McMorrow! (klik)

Bo en Merlijn waren op een avond nog niet moe - Loïs sliep al, Anna-Maria paste op - en wilden met ons mee naar een 'geheim' concert van Deus op het bospodium. Daar aangekomen gingen ze in het zand zitten en vielen pardoes in slaap. Tsja, en wat doe je dan hè, als ontaarde ouders. Dan laat je ze gewoon lekker liggen en geniet van het optreden. En daarna zet je ze op hun benen en dwingt ze 2 kilometer terug te wandelen draag je ze naar de tent.
(Klik op de foto)


En oja, ik reed ook nog paard.


Een prachtige tocht over het eiland, door het bos en de duinen, langs een kudde Schotse Hooglanders, en in galop over het strand. Waar iemand, zonder dat ik het wist, zomaar een filmpje van maakte: