zaterdag 26 maart 2011

Met van die elektroden op mijn hoofd


Nou, die vermanende toespraak van laatst heeft niet echt geholpen hè: het is alweer zo’n tien dagen geleden sinds ik voor het laatst iets postte hier. En daar baal ik zelf waarschijnlijk het meest van; ik betrap mezelf erop dat ik af en toe naar mijn eigen weblog surf om te constateren: Nee. Ze heeft nog steeds niets nieuws geschreven. (Soms wou ik dat er een soort blogmachine bestond. Met van die elektroden op mijn hoofd. En dat ik dan alleen in grote lijnen een blogje hoef te dénken en dat het dan vanzelf uit het toetsenbord ratelt, compleet met leuke grapjes en briljante woordspelingen.)

Het lijkt wel of ik steeds minder tijd heb tegenwoordig! Ben ik niet aan het strijden tegen de deadlines, dan ben ik wel van hot naar her aan het vliegen, bergen was aan het wegwerken, of anderszins aan het puinruimen hier thuis. Of kots uit de vloerbedekking aan het schrapen. Want dat ook nog.
De weken vliegen voorbij. Voor ik het wist was het alweer woensdag, en moest Loïs voor de tweede keer naar ballet. Bij wijze van capitulatie had ik uit de verkleedkist een roze met wit flieberrokje opgediept om het bestaande ensemble mee te completeren en voilà: een balletmeisje dat niet uit de toon viel en het meteen een stuk leuker vond:



Kijk, het danst!




Oja. Er was ook weer eens een auto-issue deze week. Tijdens een spontaan ontstaan lentefeestje waar ik verder niet te veel over kwijt wil was de autosleutel van tafel gevallen en de alarm-unit onder de voeten van een van de kinderen vermorzeld. Met gevolg dat de startonderbreking van de auto niet meer uit te schakelen was.
Ja, haha. Dus belde ik maar weer eens met de anwb.
De monteur die me werd toegestuurd kreeg het voor elkaar om het een en ander om te lussen, zodat de motor is te 'jumpstarten' onder de motorkap. Een noodoplossing, uiteraard, bedoeld om naar de garage te kunnen rijden om aldaar de boel deugdelijk te laten oplossen, maar onze agenda bekeken kan dat wel even duren. En het gaat eigenlijk prima zo. Het is bovendien heel komisch; alsof ik de hele tijd mijn eigen auto aan het stelen ben.




Vandaag was ik, net als vorige week zaterdag trouwens, op de kinderkledingbeurs in Haren. U moet u zich dat voorstellen als de Drie Dwaze Dagen, maar dan keer tien. Een koopjeswalhalla op 1250 m2 . Call me cheap, maar ik ben dus echt gék op koopjes. En met name op goedkope kleren. Of dure kleren eigenlijk, maar dan voor bijna niks. Echt, daar kun je me midden in de nacht voor wakker maken.
Een kleine greep (de Loïs-section) uit de score:



Nou, tot snel maar weer.

donderdag 17 maart 2011

Ballet

Toen ik een foldertje onder ogen kreeg met de aankondiging van peuterdanslessen die heel toevallig zouden worden gegeven in de cursusruimte hier aan de overkant, tien stappen lopen vanaf de voordeur, besloot ik dat dit een aanbod was dat ik niet kon negeren.
Dus vroeg ik aan Lois: 'Wil je op ballet?' (Ik weet dat er peuterdans op de flyer stond, maar ik vond 'ballet' zo chique klinken. Bovendien had ze onlangs, met Bo, naar Black Swan een slechte ballerina-barbiefilm gekeken dus ik dacht dat het wel tot haar verbeelding zou spreken.)
'Ja,' zei Lois, 'ik wil op ballét.'

Gisteren was het dan zover.
En ja, wat kan ik zeggen.
Ten eerste bleek dat we niet helemaal op de hoogte waren van de heersende dresscode. Nou vond ik persoonlijk dat ze er fantastisch uitzag in haar gympakje met daaronder een afgeknipte maillot van Bo, maar - klopt - ze was geen vlinder. Ze had geen tutu. Geen roze en lichtblauwe roezeltjes.
Ten tweede viel het inhoudelijk aanbod mijn dochter duidelijk wat tegen. In plaats van pliés en relevés waren er spelletjes als 'ga met je neus tegen de muur staan als de muziek stopt'.
Als het niet zo grappig was had het hartverscheurend kunnen zijn om naar te kijken: ze vond het stom. En ik eigenlijk ook een beetje.
Maar de foto's zijn fantastisch.





Edit dinsdag 22 maart.
Vond ik ineens dit hilarische filmpje.

woensdag 16 maart 2011

Je wordt bekazerd waar je bij staat

Het leven is, in mijn geval, op te vatten als één lange anti-naïviteitstraining.
Inmiddels ben ik al heel wat illusies armer (wellicht bereik ik ooit het stadium van achterdocht, misschien – je weet het nooit – zelfs dat van paranoïa) maar nog dagelijks vallen mij de schellen van de ogen.

Eergisteren aten we wraps. (Of fajita’s. Enchilladas. Empanada’s. Tortilla’s. Ik weet het verschil nooit tussen al die Mexicaanse dingen. Alleen taco’s kan ik onderscheiden.)
Wraps eten we altijd als ik even écht niet meer weet ‘wat we nú weer moeten eten’. Of als ik even écht geen zin heb om te koken. Het is namelijk reuze makkelijk: je flikkert wat gehakt in een pan samen met de kruidenmix uit het pakje, en verder pleur je gewoon wat schaaltjes op tafel, met sla en tomaatjes en kidneybonen en mais en guacamole en geraspte kaas en die ingrediënten rol je dan zo’n beetje naar eigen inzicht in de bijgeleverde pannekoeken, nadat die 20 seconden in de magnetron zijn geweest. Succes verzekerd. Kinderen blij, jij blij, en die E621 neem je een keertje voor lief.
Tot hier het intro.

Toen ik ’s morgens in de supermarkt mijn hand uitstak om een zakje geraspte kaas te pakken, hoorde ik een stem achter me, die de volgende verontrustende woorden sprak: ‘Weet je eigenlijk wel dat dat helemaal geen kaas is?’
Ik keek om, het was een collega-moeder, die blijkbaar net als ik direct van het schoolplein naar de Jumbo was gefietst.
Huh? Wat? Geen kaas, hoezo? Dit is toch gewoon geraspte kaas? Het ziet er uit als geraspte kaas, bovendien staat het erop, kijk maar: ge-rasp-te k-aas, waarom zou dit geen geraspte kaas zijn? Ik was lichtelijk van mijn apropos en keek daarbij vermoedelijk niet al te nozel.
Samen lazen we de achterkant.
Aardappelzetmeel. Plantaardige olie. Kleur en smaakstoffen.
Ze had verdorie gelijk. Het moet toch niet gekker worden, mensen! Geraspte kaas uit een zakje, DAT IS HELEMAAL GEEN GERASPTE KAAS!
Het is aardappelzetmeel. Aardappelzetmeel-friemeltjes met kaassmaak.
WTF?
Ik bedoel. Als je er al niet op kunt vertrouwen dat geraspte kaas gewoon geraspte kaas is, wat zegt dat dan over de rest? Is Pim Fortuyn vermoord door het CDA? Waren we ooit op de maan? Hee: is de maan soms ook van aardappelzetmeel? Nou? Nou?

Puur om een daad te stellen kocht ik het dus niet. Tsk, ik ging zelf wel raspen!
Wat me na een dik half uur zwoegen een hoeveelheid had opgeleverd waarmee ik een gemiddeld theekopje kon vullen.
Nja.
Het was leuk voor een keer, zal ik maar zeggen.
En gelukkig ben ik niet al te principieel.
Maar ik blijf het ontluisterend vinden.
Aardappelzetmeel-friemeltjes.

zaterdag 12 maart 2011

Niet naar het Boekenbal, maar wel in de Flair


Nou kijk.
Ik had dus een verhaal ingestuurd naar de Opium verhalenwedstrijd, met als hoofdprijs een publicatie in de avrobode en twee kaartjes voor het boekenbal.
En, ik zal het maar eerlijk zeggen, toen sloeg ik een beetje door.
En eigenlijk is dat uw schuld. Dat steekt mij maar veren in mijn reet over mijn schrijfstijl, ik was toch bijna gaan denken dat er een groot schrijver in mij school. Kuch.
Nja.
Niet dat ik nou zozeer dacht dat ik zou winnen hoor, maar ik vond mijn verhaal toch heus goed genoeg om bij de beste tien te eindigen en bij Cornald Maas aan tafel plaats te nemen, aanstaande dinsdag.
Dus maakte ik me een beetje druk. Over wat ik dan áán moest voornamelijk. En over wie er op de kinderen moest passen.
Kopzorgen, mensen.
En allemaal nergens voor nodig natuurlijk. Want gisteren kwam het verlossende woord: 'Helaas, uw verhaal zit niet bij de beste tien inzendingen.'
(Hetgeen, geloof het of niet, meer opluchting dan teleurstelling inhield mijnerzijds, want sinds ik eergisteren bij de kapper was zit mijn haar héél stom en bovendien heb ik een enorme pukkel op mijn kin. Geen televisiedebuutmaterial at all.)


Eenmaal teruggekeerd op aarde kreeg ik vervolgens een openbaring.
Ik durf het wel een teken te noemen.
Of een vingerwijzing Gods, zo u wilt.
Ik kreeg een mailtje van de Flair.
Of ze mijn weblog mochten vermelden in een item over bloggende moeders.
Nah.
En toen wist ik het dus ineens weer. Ja! Mijn ware bestemming lígt helegaar niet in de literatuur, maar gewoon hier!
Hier, op mijn arme verwaarloosde weblog.
Bloggen moet ik!
Om straks al mijn nieuwe flairlezer-lezertjes een warm welkom te geven.

zondag 6 maart 2011

Zeehondencrèche: leuk

Terwijl het zuiden van Nederland carnaval schijnt te vieren maakten wij vandaag weer eens een ouderwets gezinstripje (iets dat we soms gewoon een hele tijd vergeten, door alle drukte van werk, speelafspraken; overvolle weekenden met van alles). We reden over het Hogeland (waar ik als import-Groninger steeds meer van ga houden), door het prachtig mooie weer (we zagen weer alle te koop staande boerderijtjes) naar Pieterburen, naar de Zeehondencrèche. Want Loïs wou zeehondjes zien.

Foto's.




Oja. En morgenochtend gaan we weer naar het ziekenhuis: ik kreeg een telefoontje waarin werd meegedeeld dat bij nadere inspectie van de foto's, de pols van Bo toch een scheurtje bleek te vertonen.
Hum.


dinsdag 1 maart 2011

Nationale Complimentendag

Het is vandaag Nationale Complimentendag, begrijp ik.
Dat heb ik niet nodig, want ik ben van nature al redelijk complimenteus.
En ik krijg zelf ook best vaak complimenten.
Gisteren nog.
Hoewel. Ik weet nooit helemaal zeker of iets als compliment bedoeld is, maar ik vat het altijd maar gewoon als zodanig op.


Oh. Ja, we waren weer eens in het ziekenhuis, op de eerste hulp.
Circus hè: een heel gevaarlijke tak van sport.
Lopen op een bal. En de bal is rond. You get the picture.
Even was men bang dat ze beide polsen had gebroken.
Maar dat viel mee.
Ze had zelfs niet één pols gebroken.
Alleen gekneusd.
Maar om daar achter te komen zaten we toch zo viereneenhalf uur in het ziekenhuis.

En verder heb ik het druk. Met werk enzo. Dus de verhalen over het nieuwste liedje van Jochem Meijer dat zal worden ingezongen door (onder andere) mijn kinderen en mijn mogelijke debuut op het boekenbal, daar zult u nog even op moeten wachten.