woensdag 15 april 2015

Onnavolgbaar

Mijn 'taalpreken' beginnen altijd met een enigszins deemoedige disclaimer in de trant van: ‘Dit wordt heus geen betweterig taallesje hoor, of misschien stiekem toch, haha hihi.’ 

Enerzijds is dat omdat ik eigenlijk gewoon graag door iedereen leuk gevonden wil worden – en dus niet irritant, maar anderzijds ook omdat ik het eigenlijk wel een beetje ééns ben met de afhakers, de mensen die geërgerd denken: jemig Novy, wat kan het mij nou in de godsnaam schelen hoe je iets eigenlijk zou moeten zeggen of schrijven.

Want waar gaat het in wezen over?

Als je erover nadenkt is het absurd om een taal tot stilstand te willen dwingen; te vangen in een groen wetboekje en vervolgens de vrijwillige taalpolitie te laten toezien op correcte naleving.

Dat slaat nergens op en het kán ook helemaal niet; de taal rent met ons mee.

Nog heel even en het woord ‘meteen’ is voorgoed verdwenen, verzwolgen door 'gelijk'.
Je doet er niets aan.
Het is natuurlijke selectie.
Evolutie.
De dodo is uitgestorven, de dino’s ook.
Zo gaat dat.
Het is niet anders.
De tijger zal ook uitsterven. Dat weten we allemaal. Misschien nog niet in ons mensenleven, maar hij gaat eraan.

Maar ho, wacht!
STOP!
Dat willen we niet!
Dat moeten we proberen te voorkómen – ook al is het dan waarschijnlijk tevergeefs.
We richten actiegroepen op en worden lid van het Wereld Natuur Fonds.


Zo is het leuker bekeken: Ik zit niet bij de taalpolitie, ik ben gewoon lid van de stichting Red De Tijger! Wrauw!



Vandaag doe ik een poging het woord ‘onnavolgbaar’ te redden.
Daar gaat het namelijk niet best mee; het lijkt slachtoffer te zijn geworden, van een hostile take-over. Door een andere betekenis.


Kijk: (een kleine greep uit vele voorbeelden)

 





Onnavolgbaar betekent: 'Zó goed, dat het niet na te doen is.'

Navolgen, immers, betekent zoveel als: hetzelfde bereiken, in iemands voetsporen treden, iemand evenaren.

'Wat Sven Kramer doet op de tien kilometer is onnavolgbaar.'
'Benfica aanvaller Salvio passeerde zijn tegenstander op onnavolgbare wijze.'


Onnavolgbaar betekent NIET: niet te volgen / onbegrijpelijk / ksnaperniksvan


'Onnavolgbare logica' (185.000 hits op google! Damn!) slaat dus nergens op, tenzij je bedoelt dat je de betreffende redenering weergaloos vindt en niet te overtreffen briljant.

Onvolgbaar zou wel kunnen, maar dat woord bestaat niet.


Ik geef toe, het zou hartstikke leuk zijn als allebei de betekenissen goed waren.
Alleen al omdat je dan van sommige dingen kon zeggen dat ze 'onnavolgbaar onnavolgbaar' zijn.
Maar helaas.



Goed.

RED DE TIJGER!


donderdag 9 april 2015

Het laatste woord

Ik wilde openen met de zin: 'Ik heb een fascinatie voor begraafplaatsen.'
Maar dat is onzin, het is helemaal geen fascinatie, ik vind het gewoon leuk om over een kerkhof te wandelen.
Vooral als het zonnetje schijnt.

Het is als een gewone wandeling, lekker buiten in de natuur, maar dan met iets te lezen erbij.
En daar hou ik van, want ik wil altijd overál wel iets te lezen bij.


Mijn gezin houdt er ook van, en zo liepen we afgelopen paasmaandag de hele middag over het Selwerderhof. Een beetje te gniffelen om de gekke namen op monumenten.  Verhalen te verzinnen, rondom de in steen gegraveerde teksten. (Bij sommige graven hoeft dat niet, die vertellen uit zichzelf al een hartverscheurend verhaal.)


Ik weet eigenlijk niet of het raar is.
In feite is een begraafplaats toch ook een soort openluchtmuseum?
Ik zou het persoonlijk wel een leuk idee vinden, als er af en toe nog eens mensen langs mijn grafsteen zouden lopen, die mijn naam zouden spellen en uitrekenen hoe oud ik was toen ik stierf.
(En dit is tegelijkertijd een gekke gedachte, want ik wil immers gecremeerd. Denk ik. Enfin.)


Merlijn maakte nog een steengoeie grap, trouwens, waar we wel een kwartier over na bleven grinniken. Behalve Bo dan.
Voor ik de grap kan vertellen, moet ik eerst wat achtergrondinformatie geven.
Tot vorig jaar sliepen onze drie kinderen altijd samen in één (groot tweepersoons)bed. Niet uit ruimtegebrek; ze hadden alledrie een eigen kamer, maar twee daarvan stonden permanent leeg. Die hadden we best kunnen verhuren.
Vorig jaar kwam daar verandering in. Bo ging naar de middelbare school, werd puber, en wilde vanaf toen alleen slapen. Logisch.
Maar ze is een beetje doorgeslagen.
Soms, in het weekend vindt ze het gezellig als haar broertje en zusje komen ‘logeren’, maar dan moeten ze hun eigen matras meenemen.
Terwijl zij dus nog steeds dat tweepersoonsbed heeft, van 1 meter 60 breed.
Ze heeft veel ruimte nodig momenteel, zullen we maar denken.


Goed, we kwamen dus langs een tweepersoonsgraf, waarin twee echtelieden naast elkaar waren begraven en niet – zoals meer gebruikelijk – boven elkaar.

Zegt Merlijn: ‘Zo eentje wil Bo later als ze dood is, maar dan voor haar alleen.’
Haha.
Haha.
Hahahaha.
Oké, misschien had u erbij moeten zijn, of toch nog iets meer ingewijd, om de grap echt te waarderen. Maar geloof me, het was hilarisch.


We liepen overigens heus niet alleen maar te ginnegappen hoor, helemaal niet; we hadden net vorige week oma – de moeder van Henk – begraven en daar was natuurlijk niets grappigs aan.


Hoewel.
Het was op die dag dat het zo verschrikkelijk stormde, in het noorden van het land.

We arriveerden met de rouwauto (hier heb ik even het synoniemenwoordenboek voor moeten raadplegen; ik kwam niet verder dan lijkwagen, daar moest een vriendelijker woord voor bestaan) bij het hek, waarop een groot bord prijkte met de roodomrande tekst: ‘De begraafplaats is gesloten i.v.m. de storm.’

Ehm.

Gelukkig kon de afscheidsdienst toch doorgang vinden, er mocht alleen uit veiligheidsoverwegingen naderhand, behalve een klein groepje naaste familie, niemand mee naar het graf.
En dat was zeker geen overdreven maatregel.
Het was onstuimig.
We zwoegden met de kist – op wielen, dat wel – tegen de wind in, terwijl overal om ons heen takken afgerukt werden en hele bomen zomaar in tweeën braken.


Tijdens de ceremonie had 'My friend the wind' van Demis Roussos uit de speakers geklonken, omdat mijn schoonmoeder dat zo’n mooi lied vond.

Ze had altijd al graag het laatste woord.